Hoornerfeest

Opgericht in 1927

Oranjevereniging Prinses Beatrix – Hoorn

“Herinnert u zich deze nog?”

Hoornerfeest 2011

 In dit item zoeken we oud bestuursleden op en zetten hen in de schijnwerpers.

Vandaag schuiven we aan bij Arend Veldwijk

Arend oud

Wonende in het buurtschap Hoorn met zijn vrouw. Zij hebben een zoon en een dochter en vier kleinkinderen. Zoon Gerben zit zelfs in het huidige bestuur en de schoonzoon is elk jaar van de partij als vrijwilliger bij de op- en afbouw van de tent.

Waar kennen we jou ook alweer van?

Ik was voorzitter van het Hoornerfeest gedurende de jaren 1984 tot 1992. Daarvoor was ik algemeen bestuurslid voor de periode 1975 tot 1984. In 1975 is het feest in een nieuwe vorm gegoten, alles hebben we toen in eigen beheer gedaan. De bar werd in het begin verzorgd door oud cafébaas Scholten.

Wat is het hoogtepunt van al jouw Hoornerfeesten?

Persoonlijk vind ik het feest in verband met het 60 jarig bestaan het mooiste. Alle buurten hadden prachtige toegangspoorten naar hun eigen buurt gemaakt. Werkelijk schitterend. Ook het feest waarbij de destijds mateloos populaire Havenzangers optraden, springt er voor mij uit. Het was een gewaagde actie, want deze artiesten waren heel erg duur. Maar er waren nog nooit zoveel mensen op het feest afgekomen. De mensen uit de buurten bonden die avond zelfs touwen om stoelen om maar bij elkaar te kunnen zitten. Het heeft de vereniging geen windeieren gelegd.

En het dieptepunt?

Dat was een jaar waarbij er onderling ruzie ontstond vanwege de zeskamp. Een buurt deed toen een jaartje niet mee, maar gelukkig is alles toch nog goed gekomen. Een jaar later was alles weer in orde.

Wat doe je tegenwoordig?

Ik ben pensionado. In 2008 ben ik gestopt met autobedrijf Rorije te Wapenveld. Nu genieten mijn vrouw en ik van onze vrije tijd. Hobby’s zijn varen met onze boot en genieten van de kleinkinderen bij het oppassen.

Wat vind je van het huidige Hoornerfeest?

Grandioos! Elk jaar is het een feest en elk jaar komen er weer zeer veel mensen naar de feestweide. Het bestuur kent een leuke groep. Het mag toch bijzonder genoemd worden wanneer 4 bestuursleden zich verkiesbaar stellen en tegelijk weer worden herkozen. Dit zegt wel wat. Uit eigen ervaring weet ik hoe moeilijk het is om elk jaar toch weer mensen naar de weide te trekken.

Welk oud bestuurslid zou jij in deze rubriek willen terugzien?

Rudy Heideveld, met hem heb ik namelijk de meeste tijd doorgebracht in het bestuur.

arend nieuw

Herinnert u zich deze nog?”

Hoornerfeest 2011

 Vandaag schuiven we aan bij Jan Koopman

Jan Koopman oud

Wonende in buurtschap De Rolders, net achter het zwembad. Jan woont hier al zijn hele leven lang. Eerst met zijn ouderlijk gezin, en nu nog steeds met zijn vrouw. Hun kat is vorige jaar, na 18 mooie jaren, helaas naar de eeuwige jachtvelden vertrokken. Samen hebben zij 3 kinderen en 2 kleinkinderen.

Waar kennen we jou ook alweer van?

Ik was van 1993 tot 2001 voorzitter van het Hoornerfeest. In de periode 1974 tot 1993 was ik algemeen bestuurslid. Totaal dus 27 mooie jaren.

Wat is het hoogtepunt van al jouw Hoornerfeesten?

Het mooiste vond ik de toegangsbogen tijdens het 60 jarig bestaan. Elke buurt heeft zich enorm ingespannen. Buurtschap De Rolders heeft een boog gemaakt waarop treintjes stonden. Enige tijd daarvoor was namelijk de spoorlijn weggehaald en precies op die plek is de boog neergezet. De saamhorigheid was toen enorm groot, heel veel buurtgenoten hebben geholpen. Sommigen wilden graag helpen, maar hadden geen idee wat te doen, hadden zelfs geen hamer of kwast bij zich op dat moment. Uiteindelijk heeft ons buurtschap hiermee de hoofdprijs behaald.

Dat was ook een erg druk jaar voor mij: het organiseren van het Hoornerfeest en de nieuwbouw van ons eigen huis. Dit moest ik aan het einde van het jaar bekopen met een hartoperatie en die is gelukkig goed afgelopen.

En het dieptepunt?

Dat was toch wel het jaar dat er 4 bestuursleden per direct opstapten, na aanleiding van een verschil van mening met betrekking tot jurering bij een zeskamponderdeel. Er was dus een bestuurscrisis. Tijdens een erg drukke ledenvergadering zijn er gelukkig voldoende nieuwe bestuursleden gekomen.

Wat doe je tegenwoordig?

Vutteren. Vanaf vorig jaar zit ik in de VUT. Ik ben 16 jaar timmerman geweest en daarna 32 jaar uitvoerder. Ik mag wel zeggen dat mijn werk altijd als hobby heb gezien. Op dit moment ben ik veel aan het klussen bij de kinderen. Onze eerste grote onderneming na de werkzame periode was een mooi reis naar Afrika.

Wat vind je van het huidige Hoornerfeest?

Het is een zeer goede voortzetting van het feest zoals dat in mijn begintijd is opgezet. Financieel staat de vereniging er goed voor en dat is ook wel eens anders geweest. Ik heb het idee dat vooral na dat optreden van Jannes, enige jaren geleden, er groei is gekomen in het feest. En het zit nog steeds in de lift.

Welk oud bestuurslid zou jij in deze rubriek willen terugzien?

Ik wil Mans Schurink hier wel eens terug zien, daar kon ik altijd zeer goed mee opschieten. Ook heb ik vele jaren met hem in het bestuur gezeten.

Jan koopman nieuw

“Herinnert u zich deze nog?”

Hoornerfeest 2012

Vandaag schuiven we aan bij … Mans Schurink

mans oud 

Waar kennen we jou ook alweer van?

Ik heb in 1995 het Penningmeesterschap overgenomen van Rudi Heideveld. Tonny Bagerman heeft het daarna in 2003 weer van mij overgenomen.

Wat is het hoogtepunt van al jouw Hoornerfeesten?

Dat was zondermeer het Fierljeppen of het polsstokhoogspringen over het kanaal. Dit is slechts 1 keer gehouden. Het was toen schitterend weer en aan beide kanten van het kanaal stond heel veel publiek. Ook toen was het water al erg smerig, maar daar werd niet zo nauw naar gekeken.

En het dieptepunt?

Dat was het jaar dat in de nacht van zaterdag op zondag de tent in elkaar gewaaid is door de harde wind. Voorzitter Jan Koopman belde mij zondags ‘s morgens. Jan was erg geschrokken, omdat er nog iemand onder het podium lag. Toen Jan binnenkwam is de man wakker geworden, onder het podium vandaan gekropen en vervolgens de benen genomen. Mans is nog benieuwd wie dat is geweest, dus mocht iemand zich in dit verhaal herkennen …

 

Wat doe je tegenwoordig?

Sinds twee jaar ben ik afgekeurd en ben ik veel bezig in de tuin. Daarvoor ben ik altijd boekhouder geweest. Verder mag ik graag de vrouwe ploagen! Bij calamiteiten ben ik altijd thuis voor de kleinkinderen. Ik vind het erg leuk om op te passen.

Wat vind je van het huidige Hoornerfeest?

Het is erg veranderd. Vroeger deden wij veel meer in eigen beheer en bouwden we meer zelf, daar waar nu zaken gehuurd worden. De financiële middelen waren veel minder. Aan het concept is weinig veranderd, alleen de donderdagavond is er bijgekomen.

Het is nu professioneler en groter. Vroeger ging ik bijvoorbeeld op zaterdagmiddag alleen met het geldkissie in de auto naar huis. Ik heb dat kissie eens bijna op het dak van de auto laten staan, maar vlak voor het wegrijden had ik het door.

Of die keer dat mijn vrouw Emmy samen met Jan Koopman met het geldkissie naar Jan’s huis ging om geld te tellen. Ik ging alvast vooruit met de bromfiets. Ik had echter geen voorlicht en werd door de politie aangehouden. Ik zei toen dat ik naar de school moest en mocht van de dienders verder lopen. Emmy en Jan haalden mij in en gaven mij een zaklamp. Dus met de zaklamp in de ene hand en de gashendel in de andere ging ik alsnog op pad. Toen ik de Wapenvelderkerkweg in wilde rijden, vloog ik de bocht uit, omdat ik niet kon remmen. In die hand had ik namelijk de zaklamp.

Welk oud bestuurslid zou jij in deze rubriek willen terugzien?

Gerda Gijssendorfer, zij heeft in mijn tijd altijd veel werk achter de schermen gedaan.

mans nieuw

“Herinnert u zich deze nog?”

Hoornerfeest 2012

 

Vandaag schuiven we aan bij … Rudi Heideveld

rudi oud

Waar kennen we jou ook alweer van?

Vanaf 1984 tot en met 1995 was ik penningmeester. Ik heb dit overgenomen van Knelis Regterschot. Dat was nog een man van de oude stempel. Knelis had al het kasgeld in zijn broekzak: het ledengeld en andere inkomsten en hij betaalde er ook alles uit. Er was geen kasboek met in- en uitgaven, alleen “overgehouden van feest”. Van hem heb ik een schoolschriftje gekregen, dit was het kasboek en ook een sigarenkistje. Hierin zat wat geld en kwitanties. Er stond toen 400 gulden op de bank.

De vereniging was dus bijna bankroet. Die eerste 2 jaar hebben we zelf patat gebakken in plaats van het inhuren van een ondernemer. Er waren ook bijna geen kermisattracties, maar gelukkig wel een draaimolen, alleen zat daar geen vloer in. Levensgevaarlijk. Na een paar jaar was er voldoende geld voor het inhuren van een grotere kermis. Dat werd de heer Sterrenberg en die verzorgde ook de patatkraam.

Wat is het hoogtepunt van al jouw Hoornerfeesten?

Dat was het jaar waarin er de meeste bezoekers tot dan toe waren. Dit vanwege een optreden van De Havenzangers. Een topband in die dagen. Wat mij ook bijstaat was duo Jan en Zwaan; zij hadden, net als De Havenzangers, buitensporige drankeisen en dronken jenever uit plastic bekers. Zanger John Spencer had het hoog in zijn bol en wilde zich niet omkleden in onze pipowagen. Dit heeft hij vervolgens thuis bij bestuurslid Riek van de Beek gedaan. (2 huizen naast ingang feestweide). Herman Rorije en ik stonden zaterdag ‘s avonds eens aan de deur toen een man gewoon door wilde lopen zonder kaartje of zonder te betalen. Ik hield hem direct staande, bleek het toch zanger Arne Jansen te zijn die moest optreden. Ik had werkelijk geen idee wie dat was. Herman wel en die keek aardig bedenkelijk…

En het dieptepunt?

Dat was een grote onenigheid die ontstond tijdens de zeskamp en die uitmondde in een vervelende situatie. Enkele bestuursleden hebben toen bedankt. Een jaar later, in 1995, ben ik er uitgegaan. Ik heb echter altijd met enorm veel plezier in bestuur gezeten. Er was altijd eenheid en nooit ruzie. Ik vond het een voorrecht om de mensen een stuk ontspanning te bezorgen.

Wat doe je tegenwoordig?

Ik ben al twee jaar met de VUT. Mijn hobby’s zijn tuinieren, vooral de groentetuin. En verder natuurlijk het vogelen, dat wil zeggen: de natuur in en vogels inventariseren en observeren. Daarnaast ben ik vrijwilliger bij Vrieze’s erfgoed, molen De Vlijt in Wapenveld.

Wat vind je van het huidige Hoornerfeest?

Het is perfect georganiseerd! Het is nog steeds een topattractie van de Hoorner gemeenschap.

Welk oud bestuurslid zou jij in deze rubriek willen terugzien?

Ap Bosman, hij was in mijn tijd secretaris.

rudy nieuw

“Herinnert u zich deze nog?

 (Hoornerfeest 2013)”

 

Het verhaal van Gerda Gijsendorffer en Ab Bosman

(door Gertine Vorstelman)

Als Gerda en Ab benaderd worden voor het vertellen van hun verhaal, staan ze niet direct te trAbpelen…. Moet dat echt? Ik weet er niets meer van! Ja, het moet echt en natuurlijk weten jullie nog heel veel te vertellen uit die tijd! Willen jullie dan liever samen jullie verhaal doen?

En zo geschiedde het dat op vrijdag 22 maart om half 11 Gerda en Ab de Jenaplanschool Heerde binnenschuifelen en met een kop koffie meegaan naar het Uilennest. En of ze wat te vertellen hebben! Vragen hoef je ze eigenlijk niet te stellen; de verhalen komen zelf.

Ab is van 1970 tot 1994 deelgenoot geweest van het bestuur. Gerda is rond 1981 in het bestuur gekomen en heeft zo’n tien jaar meegedraaid.

Hoe kwamen jullie destijds in het bestuur terecht?

Ab: “Dat ging heel vlot.” “Ik kom oorspronkelijk uit de Horsthoek en toen er nieuwe woningen in Hoorn werden gebouwd, gingen wij daarheen verhuizen.” “Ik liet mijn gezicht eenmaal zien bij het bestuur en werd meteen gevraagd.”

Gerda: “Dat ging mij precies hetzelfde af.” “Ik kom oorspronkelijk ook niet uit Hoorn.” “Ik ging een keer mee voor de kascontrole naar Rudi Heideveld en daar werd ik meteen door Geertje Schaftenaar gevraagd om in het bestuur te komen.” “Ik heb toen de plaats van Gert Jan Rorije overgenomen.”

Wat was jullie rol in het bestuur?

Ab: “Ik heb in de eerste jaren vooral geholpen bij de zeskamp.” “Dat was destijds een hele klus.” “Nu kunnen jullie de prachtigste dingen voor de zeskamp bestellen.” “Wij moesten het destijds zelf verzinnen en ook nog eens zelf maken.” “Ik ben ook nog tijdelijk secretaris geweest en vanaf dat we de tent in eigen beheer hadden, regelde ik de bar, bediening, en de muziek.” “En tevens beheerde ik tijdens het feest de financiën van het tentgebeuren.”

Gerda: “Ik ben secretaris geweest.” “Daarnaast deed ik de verkoop van de bonnen.” “Eigenlijk hielpen we overal waar nodig was.” “Soms stond ik een hele avond glazen te wassen.” “Je bood overal een helpende hand.”

Wat zijn herinneringen die je speciaal bijblijven?

Gerda: “O, ja.” “Ik weet wel iets.” “Achteraf vond ik dat hartstikke mooi, maar als ik het vooraf had geweten…” “Met het 60 jarig jubileum heeft Arend Veldwijk een oude auto via Brakensiek weten te regelen.” “Deze auto zou meerijden in de optocht.” “Opeens stond de auto bij mij voor de deur en werd ik samen met Riek en Hennie Vorderman meegevraagd.” “Een paar uur lang hebben we in de optocht rondgetoerd.” “Het was die dag bloedheet en we zouden de auto uitzweten.” “Achteraf vond ik het een prachtige verrassing.”

Ab: “Het touwtrekken was ook altijd een heel spektakel.” “Soms moesten wij meehelpen om onze buurt te versterken.” “Dat was prachtig, maar we waren ook heel goed, dus haalden we vaak alle rondes.” “’s Avonds liep ik dan trillend van de spierpijn met m’n dienblad door de tent, ik kon het nauwelijks meer vasthouden.”

Gerda: “Och, ja dat was prachtig.” “Ik hielp ook vaak mee met touwtrekken.” “’s Avonds kon ik van de trillende handen de bonnen haast niet meer verkopen”.

“En weet je wat me ook nog altijd bijblijft?” “Op zaterdagavond gingen we na afloop altijd het geldtellen, vaak bij Ab.” “Ik was die zaterdagavond al naar huis gegaan en lag al in bed toen ik opschrok en bedacht dat ik de bonnen mee naar huis had genomen.” “De mannen konden de telling niet compleet maken en waren al ongerust over waar die bonnen nou waren.”

Ab: “Dat was toch ook wel bijzonder toch?” “Liepen we ’s avond zo met ons geldkistje over straat naar huis om geld te gaan tellen, dat kun je nou ook niet meer doen.”

Ab: “En trouwens, het tobbedansen zal me ook altijd bij blijven.” Dat was veel werk om te organiseren, maar tjonge wat kwam daar een volk op af.” “Grandioos.”

Is het Hoornerfeest door de jaren heen erg veranderd?

Ab: “O ja, dat is het zeker.” “In 1975 is de tent in eigen beheer gekomen.” “Voor die tijd werd de tent uitbesteed aan Post uit Oene.” “Toen de tent in eigen beheer kwam, moesten we ook zelf voor het reilen en zeilen zorgen: inkoop van de drank, vergunning, schenken, noem maar op.” “Het was wel een goede keus om de tent in eigen beheer te nemen.” “Het ging vanaf toen financieel ook beter.” “Pas toen kwam er op de zaterdagavond ook echt muziek.” “De eerste artiest die zou komen, was Henk Wijngaard.” “Die kwam toen nog met zijn truck.” “Helaas, haakte hij kort van te voren af en moesten we iemand anders zoeken.” “Dat werden Frank en Mirella.”

Gerda: “Op de vrijdagavond was er altijd een toneeluitvoering.” “Maar het publiek hiervoor werd minder en de jeugd vond het ook niet meer zo leuk.” “Die stonden dan achter in de tent gezellig met elkaar te praten en dan hoorde je in de zaal niets meer van het toneelstuk.” “Zodoende heeft dat toen plaats gemaakt voor optreden vanuit de buurt: iets met zingen en in heel in het begin maakten de buurten ook nog een schimmenspel.”

“Maar wat altijd zo is gebleven, is de verbinding met school.” “Voor de schoolkinderen is het feest destijds ook verplaatst naar juli.” “Dat was rustiger voor de kinderen en zo hadden ze een mooie afsluiting van het schooljaar.” “Voorheen was het feest altijd in augustus, dan zat je soms met de jas aan in de tent.”

Hoe hebben jullie de werkzaamheden in het bestuur ervaren?

Ab: “Het waren mooie tijden, maar het was ook hard werken.” “Zelf zag je vaak niets van het feest.” “Zo heb ik in al die jaren in het bestuur nog nooit gezien dat de vlag bij school werd gehesen.” “Ook een optocht zag ik eigenlijk nooit.” “Je was dan al druk bij de tent en met de zeskamp.”

Gerda: “Dat klopt, maar dat zal voor jullie nu ook wel zo zijn.” “Ik heb het altijd erg naar mijn zin gehad.” “Er is wel veel bestuurswisseling geweest in die tien jaar dat ik er in zat.” “Je kon het goed met elkaar vinden hoor, maar het bestuur van nu is een echte vriendengroep en zo kon je dat destijds niet zien hoor.” “Er was ook geen geld om samen iets leuks te doen, zoals jullie nu het bestuursuitje hebben.”

Tijden veranderen dus….

Gerda: “Zeker, die veranderen.” “Hoe je toen een feest vierde, zou nu echt niet meer kunnen.” “Al dat glaswerk en die houten stoelen in de tent… dat het altijd nog is goed gegaan.” “En jullie zijn nu ook zo mooi zichtbaar met die oranje shirtjes, wij liepen gewoon in onze eigen kleren en verdwenen altijd tussen het publiek.”

Ab: “Ja, en het publiek verandert ook hè.” “In onze tijd was Hoorn het publiek, nu is het publiek veel breder.

Gerda: “En de tent en alles… weet je nog wel dat we de tent een keer helemaal blank hadden staan?”

Ab: “Och ja, toen moesten we allemaal met laarzen aan in de tent.” “De boxen moesten we hogerop zetten en Arie Stijf is toen nog gekomen om zand te brengen en het water weg te pompen.”

Gerda: “En wanneer was dat dan toen de tent gewoon was omgewaaid?” “Dat was me ook wel wat hoor, gelukkig dat er geen mensen meer in de tent waren.” “Ach ja, toen was het ook nog gewoon een tent van een paar houten palen met een zeil.”

Ab: “En dan het opruimen.” “Het koste je nog een week na het feest om alles weer glad te krijgen.” “Er moest dan nog zoveel schoongemaakt worden en worden opgeruimd.” “Dat lukte ons niet op een zondag hoor.”

Gerda: “Ach ja, en dan was je vaak ook nog je stem kwijt van het vele en harde praten.”

Gek genoeg dachten Gerda en Ab van te voren dat ze mij niet veel te vertellen zouden hebben… Eenmaal op dreef, zijn ze bijna niet meer te stoppen en vallen we van de ene herinnering in de andere. En ja, ik kan alleen maar beamen dat het destijds hele andere tijden moeten zijn geweest. Tijden die ook prima waren, maar niet te vergelijken zijn met nu.

Als ik vraag aan wie ze de pen graag door willen geven voor het volgende jaar, hebben ze daar zo beiden wel hun idee over. Er komen verschillende namen over de tafel, maar uiteindelijk wordt er gekozen voor: Geertje Schaftenaar en Gerrit Vorderman. Komen jullie in 2014 naar de Jenaplanschool Heerde? Ik ben benieuwd naar jullie verhalen!

Ab en Gerda, nogmaals bedankt voor jullie verhalen.

Gerda en ab

 

“Herinnert u zich deze nog?

 (Hoornerfeest 2014)”

 

Het verhaal van Geertje Schaftenaar en Gerrit Vorderman

(door Gertine Vorstelman)

 

Vorig jaar is de pen door Gerda en Ab doorgegeven aan Geertje en Gerrit. Ik bel hun dan ook met de vraag of ze hun verhaal aan mij willen vertellen. Geertje bel ik als eerste en zij geeft aan dat we de volgende ochtend bij haar op de koffie mogen komen. Vervolgens bel ik Gerrit; ook hij is in voor een praatje en zal de volgende ochtend ook bij Geertje komen.

En zo geschiedde het dat wij elkaar ontmoeten op vrijdag 18 april bij Geertje thuis. En of ze wat te vertellen hebben! Vragen hoef je ze eigenlijk niet te stellen; de verhalen komen vanzelf.

Geertje heeft de taak van secretaris vervuld binnen het bestuur. Gerrit had geen specifieke taak binnen het bestuur; hij was vooral van de klussen, de hand en spandiensten en hij heeft jaren achter de kassa gezeten met Gerda Gijsendorffer en Riek van de Beek. Geertje zat in de periode voor 1985 in het bestuur en Gerrit in de periode daarna. Ze hebben niet heel lang samen gewerkt, maar kennen elkaar natuurlijk wel. Hoe lang ze precies in het bestuur hebben gezeten, weten ze niet exact. Maar uit wat ze te vertellen hebben, blijkt dat ze er wel volop van hebben genoten!

Gerrit vertelt over zijn eerste ervaringen achter de kassa. Naja, wat je kassa kon noemen. Het was een plankje met een geldkistje. Dit was best een enge ervaring; een heel feest het geldkistje bewaken terwijl iedereen er zo bij kon. Dit was eens maar nooit weer, volgens Gerrit. Hij heeft voor het jaar erop zelf een kassa gemaakt, ditmaal wel veilig en niet zo toegankelijk voor publiek. Dat gold ook voor de bonnetjes. Die gingen na het inleveren zo in een emmer onder de bar. Jongens en meiden kropen vervolgens onder de bar door en haalden zo die bonnetjes uit de emmers. Ook daar heeft Gerrit samen met anderen iets op bedacht. Er werden kistjes getimmerd met gleuven waar vanaf toen de bonnetjes in werden gedaan.

Geertje heeft nog een herinnering aan een bepaald jaar waarop op vrijdag ineens de draaimolen werd afgezegd (toen nog de enige attractie voor kinderen). Iedereen was in paniek, wat zouden ze nu moeten bedenken voor de kinderen? Snel is ze samen met Wim naar Ten Teije in Elburg gereden en daar hebben ze nog allerlei spelletjes en prijsjes voor de kinderen gekocht. Lachend noemt Geertje dat “de redding” van het feest!

Gerrit vertelt over de klompen die hij aan de toegangswegen moest hangen ter versiering voorafgaande aan het feest. Dat was ook een heel ritueel. Eerst moesten de klompen bij de coöperatie worden opgehaald (daar was toen nog de opslag). Dan moesten de klompen eerst allemaal worden geweekt in water waarna ze werden gevuld met aarde en met bloemen. Klomp voor klomp werd vervolgens aan de bomen gespijkerd. Daarboven langs kwamen de vlaggetjes. Een hele klus, maar dat deed je gewoon samen en dat was weer zo gezellig!

Geertje heeft naast haar ervaring als secretaris in het bestuur ook jarenlange ervaring als ploegleider van de Koerberg. De Koerberg bestond toen nog wel uit een heel ander stuk dan dat het nu bestaat. De Koerberg van nu is namelijk uitgebreid met de Zwolseweg. Maar in haar tijd was het nog een kleine buurt. Geertje heeft warme herinneringen aan deze tijd. Het waren mooie weken voorafgaande aan het feest. Zo herinnert ze zich nog de “Sultanwagen” en de “Paardentram”. Bij die laatste wagen hoort weer een verhaal. De wagen was namelijk af, maar de paarden ontbraken op het laatste moment doordat ze niet kwamen opdagen. Na veel heen en weer vragen, kwam de oplossing uit de buurt van Vosbergen. Daar was iemand die wel zijn paarden wilde uitlenen. Het bleek een hilarische oplossing waar iedereen over sprak. Een wagen van de Koerberg, getrokken door de paarden uit de buurt Vosbergen!

Beiden herinneren zich nog goed het jaar waarin de Havenzangers kwamen optreden. Dat was toch een feest! De groep kwam met een grote vrachtwagen het terrein op. Met een grote heftruck zijn alle spullen de feesttent in gebracht. Ze hadden ook veel ‘aanhang’ dat van heinde en verre met bussen naar het feest kwam. Gerrit herinnert zich met name de stand van de wind: “het waaide zo hard en de wind stond richting het dorp; heel Heerde heeft van de Havenzangers kunnen genieten”.

Het jaar waarop de buurten allemaal een ‘entree’ moesten maken herinneren ze zich ook nog goed. De Koerberg heeft samen met de Rolders een toegangspoort van treintjes gemaakt in de buurt van het nieuwe fietspad/ oude spoorweg. Ook moesten de buurten in dat jaar zorgdragen voor spandoeken op de toegangswegen naar het feest. Dat was volgens Geertje nog een hele klus; avonden zijn ze bezig geweest met het versieren van witte lakens. Volgens Gerrit had geen mens in die tijd nog een wit laken in de kast; alles was opgegaan aan het feest.

Geertje en Gerrit kenmerken hun periode in het bestuur als “simpel en gemoedelijk”. Je wist gewoon wanneer het feest was en in die week ervoor deed iedereen wat hij of zij moest doen. Veel mensen hadden attributen en dergelijke thuis opgeborgen en iedereen kwam zijn of haar dingen brengen. Je had weinig geld om te spenderen, alles maakte je zelf. Avonden is Gerrit samen met andere mannen aan het timmeren geweest om meer toegangsborden te maken. Dat was gewoon je winterklus en je zorgde ervoor dat je eind juni daarmee klaar was. Zo’n zelfde winterklus had Geertje ook. Zij maakte samen met Hennie Veerman de grote toneelgordijnen (die gingen dicht tijdens de pauze). Avonden hebben ze grote rode velours lappen stof aan elkaar zitten naaien.

De zondag na het feest kwam iedereen opruimen. Op maandag moest je dan nog wat hekken opruimen en dan ging je gezamenlijk afsluiten met een pilsje en een bal gehakt in café de Brug. Over zaken als een toilet of stroom maakte niemand zich heel druk. Het toilet bestond uit een oude gemeentewagen met wat potten en het stroom kwam gewoon vanuit de buurt. Gerrit kan zich nog herinneren dat er een elektriciteitskabel is gegraven naar een aansluitingspunt in de wei. Dat was het begin van de andere tijden.

Geertje en Gerrit komen heden ten dage ’s avonds niet meer naar het feest. Misschien zijn ze het volgens eigen zeggen ontgroeid. Ze dragen het feest zeker nog een warm hart toe, maar het massale van de avond en de harde muziek hoeft voor hen niet meer zo. Gerrit komt nog wel graag overdag een kijkje nemen bij zijn kinderen en kleinkinderen.

Het bestuur van tegenwoordig krijgt van Geertje en Gerrit een groot compliment; tijden veranderen en de tijd van nu vraagt om een professionele organisatie, dat doet het bestuur van nu gewoon erg goed!

Als ik vraag aan wie ze de pen graag door willen geven voor het volgende jaar, hebben ze daar zo beiden wel hun idee over. Er komen verschillende namen over de tafel, maar uiteindelijk wordt er gekozen voor: Hennie Veerman en Arie Stijf. Graag zoek ik jullie in 2015 op. Ik ben benieuwd naar jullie verhalen!

Geertje en Gerrit, nogmaals bedankt voor jullie verhalen.

greetje en gerrit

“Herinnert u zich deze nog? ”

 (Hoornerfeest 2015)

Het verhaal van Arie Stijf en Hennie Veerman

(door Irene Regterschot en Michel van den Beld)

 

Vorig jaar is de pen doorgegeven aan Arie en Hennie. Op maandag 13 April hebben Michel en ik een afspraak gemaakt om gezellig een bakje koffie te drinken bij Hennie thuis samen met Arie. Nadat Hennie ons een lekker bakje koffie had ingeschonken, keken Arie en Hennie ons aan met vragende ogen, het was een blik van `Waar gaan we het over hebben?´.

Hennie gaf ons aan dat ze van te voren had nagedacht over wat ze ons kon gaan vertellen over het Hoornerfeest maar kon op dat moment niet zo snel iets bedenken wat haar nog echt bij stond van haar bestuurlijke periode van het feest. Maar nadat Michel het een en ander had opgenoemd wat wij wel graag van hun zouden willen weten kwamen de gesprekken op tafel.

Arie heeft ongeveer 15 jaar in het bestuur van ons feest gezeten als algemeen bestuurslid. Hij was meer van het werk met de handen, hierbij te denken aan o.a. tent opbouwen, bogen maken maar wat hem vooral bij bleef was het maken van de wagens. Arie vond dit super mooi werk om te doen voor de kinderen. Materialen die nodig waren voor het feest werden uit de buurten opgehaald. Heel anders dan nu, we kunnen nu veel dingen regelen maar we hebben natuurlijk ook veel te danken aan sponsoren.

Hennie zat in het bestuur ook als algemeen bestuurslid, zij heeft in het bestuur gezeten in eind jaren 70, begin 80. Hier heeft zij ongeveer 6 jaar ingezeten. Hennie was een bestuurslid dat veel dingen maakte voor het feest. Ze vertelde dat haar man elk jaar opnieuw bloemen in de tuin poten speciaal voor het Hoornerfeest zodat hier bloemstukken van gemaakt konden worden. De bloemstukken werden toen gemaakt van bloemen uit de buurt, dat zal nu wel anders zijn vroeg Hennie aan ons.

Er was een jaar dat we een toneelstuk hadden dat heette “Het vrolijke weerhaantje”. Voor dit toneelstuk moest ik een grote pan met kippensoep koken, het was alleen wel zo dat uiteindelijk alle soep op was voor het toneelstuk ging beginnen.

Arie vertelde ons dat hij nog goed wist dat er een jaar bij was dat er gigantisch veel regen was gevallen, we moesten er toen een giertank bijhalen om al het water af te voeren. Zand hadden we uiteindelijk op moeten halen om het terrein toegankelijk te maken voor de leden.

In onze tijd was het moeilijk bestuursleden en buurtschappen te krijgen. Als er op zaterdag de zeskamp was moesten sommige buurtschappen en ook bestuursleden toekijkend publiek langs de kant weghalen om de buurtschap te ondersteunen tijdens het spel.

Hennie vertelde dat in haar tijd als bestuurslid ze nog heel goed wist dat het Hoornerfeest kon bestaan grotendeels van de winst van de drankjes die geschonken werden. Ze wist nog goed dat er een jaar was dat ze borden hadden opgehangen met daarop `Drink spontaan, dan blijft het feest bestaan´. Zo probeerden we mensen aan te sporen zo veel mogelijk uiteindelijk te gaan drinken en ons dus winst/omzet te geven.

Hennie is eigenlijk in het bestuur gekomen doordat het bestaande bestuur van het feest op zoek was naar vrouwelijke bestuursleden. Hennie wist nog goed te vertellen dat ze gordijnen moest maken voor een toneelstuk (dat was door meester Wolthuis geschreven). Die gordijnen moesten gemaakt worden van een dikke stof met vouwen erin. Ze heeft toen de naaimachine van haar oma hiervoor gebruikt omdat gewone naaimachines door deze stof niet heen kwamen.

Arie vertelden ons dat de manier waarop wij nu een bestuur hebben heel anders is dan toen hun nog in het bestuur zaten. Hun kwamen zeven keer in het jaar bijeen om alles voor te bereiden en te regelen. Verdere communicatie werd geregeld door even naar elkaar toe te fietsen en wat te overleggen. Dit was heel anders dan dat jullie nu doen zoals e-mailen want dat was toen nog niet.

Vroeger tijdens de week van het feest moest er iemand bij de tent blijven ´s avonds en ´s nachts. Arie heeft dit verscheidene keren op zich genomen. We waren na het feest alleen al een week bezig met alles op te ruimen en neer te zetten in de coöperatie.

Wij vroegen Arie en Hennie hoe zij kijken naar het feest van nu. Arie gaf ons aan dat de opbouw en het afbreken allemaal vele malen sneller gaat dan voorheen. Wij waren eigenlijk maar een klein feestje vergeleken wat er nu elk jaar op de Hoornerfeest weide staat.

Wat Arie en Hennie beiden nog heel goed bijstaat zijn de optredens van Arne Jansen, die is een aantal keren geweest op het feest. Het was gezellig en een super goed optreden wat hij aan ons gaf. Ook kwam Bennie Solo tijdens het gesprek naar voren, ook hij is een aantal keer bij ons op het feest geweest. Wel vonden wij dat de eerste keer dat hij er was een top artiest was alleen helaas het jaar daarop toen hij weer kwam hij het veel minder goed deed vertelde Arie ons. De Nederlandstalige muziek vind Arie altijd super mooi.

Aankomend feest zijn Hennie en Arie beiden weer te vinden op het feestterrein!

Eind van ons gesprek kwam de vraag naar voren, aan wie willen jullie de pen doorgeven voor volgend jaar? Er worden verschillende namen genoemd door beiden zelf wie ze kunnen gaan kiezen. Uiteindelijk geven Hennie en Arie de pen door aan: Herman Rorije en Gerrit Vorselman. Graag zoeken wij jullie op in 2016. Wij zijn erg benieuwd naar jullie verhalen!

Hennie Veerman en Arie Stijf, nogmaals bedankt voor jullie verhalen en belevenissen.

Hennie Veerman en Arie Stijf

 

“Herinnert u zich deze nog? ”

 (Hoornerfeest 2016)

 

Het verhaal van Herman Rorije en Gerrit Vorstelman

(door Arjan Hofmeijer en Michel van den Beld)

 

Vorig jaar is door Arie Stijf en Hennie Veerman verzocht de pen voor 2016 door te geven aan Herman Rorije en Gerrit Vorstelman. Zoals men van ons gewend is hebben wij zowel Herman als Gerrit bereid gevonden om ons te vertellen over de kracht van het Hoornerfeest, het feest van toen en heel veel leuke anekdotes.

Op de zonnige donderdagmiddag van 12 mei  hebben Michel en ik  afgesproken bij ‘’Eten en drinken De Brug’’ om onder het genot van een verfrissend drankje uitgebreid stil te staan bij het Hoornerfeest zoals Herman en Gerrit dit meegemaakt hebben.  Er is ontzettend veel informatie met ons gedeeld, waarbij het af en toe lastig was dit allemaal te noteren. Herman gaf aan ’s ochtends flink te hebben nagedacht wat hij ons allemaal moest gaan vertellen, maar toen Gerrit van wal stak had Herman genoeg leuke anekdotes en wetenswaardigheden.

Gerrit Vorstelman heeft in de jaren zeventig diverse functies bekleed binnen het bestuur van het Hoornerfeest. Voornamelijk was dit als tweede voorzitter en algemeen penningmeester. Hoelang hij in het bestuur heeft gezeten was hem niet precies meer bekend. Hij gokte op 1 á 2 periodes.

Na de periode van Gerrit kwam Herman Rorije begin jaren 80 in het bestuur van de Oranjevereniging. Hij vertelde ons dat dit voor een duur van 6 jaar was als 2e penningmeester.

Beide heren gaven aan met erg veel plezier en saamhorigheid het feest destijds te hebben georganiseerd. Herman zei: ‘’ Hoornerfeest: is een bepaald gevoel. Iemand van buitenaf zal dit niet begrijpen. Een westerling zal hier niet kunnen slagen, met weinig woorden begrijpen wij elkaar’’. Iets wat Gerrit kon beamen.

Dat er tijdens het organiseren van het feest wel eens stress en druk kon ontstaan wist Gerrit alles van. Het was daarom ook niet ondenkbaar dat er tijdens het melken het toneelstuk nog werd gestudeerd. Herman haakte hierop in dat er tijdens hoge druk of stress ook beter wordt gepresteerd.

De kracht van het Hoornerfeest is voornamelijk dat alles in eigen beheer werd gedaan. Van bar tot podium tot toneelstuk, we deden alles met elkaar. Zo is het feest in stand gebleven aldus Gerrit. Al dacht Gerrit wel dat de gasten van nu niet meer tevreden waren met een toneelstuk.

Herman vertelde dat het vroeger (tot begin jaren 90) de normaalste zaak van de wereld was met de omzet van de avond weer naar huis te fietsen, dit was soms wel 12.000 gulden. Daar moest onder andere de tent van worden betaald, dit bedroeg 2.500 gulden, als penningmeester was Herman zo slim dit bedrag uit te tellen in 24 briefjes van 100 en 4 briefjes van 25. ’s Ochtends werd de tent afgebroken met het bestuur en het desbetreffende bedrijf. De tentenbouwers waren zo blij met de hulp vanuit het bestuur dat ze 25 gulden terug kregen om een kratje bier van te kopen.

Het idee van artiesten op zaterdagavond stamt al vanuit de jaren zeventig. Destijds werd er 1500 tot 1600 gulden beschikbaar gesteld voor de artiest. Het jaar met Jan en Zwaan is mij goed bij gebleven vertelde Herman. Op die artiest kwamen bepaalde mensen af, één van die mensen betaalde met een briefje van 1000 gulden. De controleur bij de ingang twijfelde aan de echtheid van het briefje, waarop Herman reageerde en zei: ‘’Jan en Zwaan moeten vanavond ook nog betaald worden’’.

Dat niet alle artiesten met open armen werden ontvangen is Arne Jansen natuurlijk nooit vergeten. Herman vertelde dat op een avond hij samen met Rudi Heideveld bij de ingang stond te controleren waarop Rudi een man bij de kraag vatte die niet had betaald. De man in kwestie draaide zich om en het was de heren al gauw duidelijk dat het om de artiest Arne Jansen ging.

Zoals hierboven vermeld was saamhorigheid wat deze middag meerdere malen ter tafel kwam. Het jaar bijvoorbeeld dat alle buurten zowel een kar moesten bouwen als de drie toegangswegen naar Hoorn moesten versieren, overigens telden deze opdrachten wel mee als zeskampspel.

Over de strijd tussen de buurtschappen waren beide heren het wel eens, tot het verlaten van het feestterrein is de rivaliteit ongekend.

Dat alles in eigen beheer werd gedaan is al eerder benoemd. Dit betekende ook dat er ’s nachts bij storm bewaking aanwezig was in de tent, in de vorm van bestuursleden. Vroeger deden we alles zelf, en werden daarvoor geen bedrijven ingehuurd aldus Gerrit. Ook werd er dan ’s nachts flink gesmikkeld van worst en karbonades uit de slagerij waar Herman werkzaam was. Slapen deed men gewoon op de grond tussen de vliegen en vloerplanken. Het wilde dan ook wel eens voorkomen dat de volgende ochtend nog een bezoeker van de avond ervoor werd gevonden achterin de tent aldus Herman.

Tijdens deze erg gezellig middag kwam vanuit Michel de laatste maar niet meest onbelangrijke vraag aan wie Gerrit en Herman volgend jaar het stokje ofwel pen door willen geven. Waarop beide heren aangeven dat het hen interessant lijkt om Wim Lutgerink en Gerrit Wolthuis hiervoor te benaderen. Dit alles heeft ermee te maken dat deze beide heren 2 dingen gemeen hebben namelijk, zowel diverse bestuursfuncties te hebben vervuld en werkzaam zijn geweest op de Beatrixschool. Graag zoeken wij jullie op in 2017. Het lijkt ons leuk jullie verhalen te mogen noteren.

Als laatste boodschap gaven Gerrit en Herman ons nog mee dat ze hoopten dat het Hoornerfeest nog lang blijft bestaan.

Gerrit Vorstelman en Herman Rorije, hartstikke bedankt voor jullie tijd en verhalen.

oud bestuur